Schulden

Beslag inkomen

Beslag overig

Vaste lasten

Schulden overheid

Kosten van schulden

Hulp bij schulden

Overige info

Klachten

Voorbeeldbrieven

Rekenprogramma

Nieuwsbrief

Werkgever moet na loonbeslag schuld voormalig werknemer betalen

Bron: André Moerman
uur

Een werkgever heeft na een gelegd loonbeslag geen verklaring gedaan en niets aan de deurwaarder afgedragen. De schuldeiser heeft de werkgever gedagvaard om dan maar zelf de volledige schuld van de werknemer aan de schuldeiser te betalen. De werkgever geeft aan niet eerder stukken van de deurwaarder te hebben ontvangen. Bovendien is de arbeidsovereenkomst met de werknemer inmiddels beëindigd. De rechtbank Den Haag oordeelt als volgt.


Wat eraan vooraf ging
VGZ heeft op grond van het vonnis van 20 augustus 2024 een geldvordering op Z. Omdat Z niet betaalt, heeft VGZ, bij exploot van 24 maart 2025, derdenbeslag gelegd onder de werkgever X op het loon en vakantiegeld dat Z van de werkgever ontvangt. De werkgever heeft geen verklaringsformulier ingevuld over wat onder het beslag valt. Artikel 476a lid 1 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (hierna: Rv) bepaalt namelijk dat een derde onder wie beslag wordt gelegd verplicht is verklaring te doen van wat er door het beslag is getroffen. Ook heeft de werkgever niet gereageerd op twee herinneringen die door de deurwaarder zijn gestuurd. 


De vordering
Aangezien de werkgever niet aan zijn verplichting voldaan heeft en niets aan de deurwaarder heeft afgedragen heeft VGZ de werkgever gedagvaard waarbij op grond van artikel 477a lid 1 Rv onder meer het bedrag gevorderd wordt waarvoor beslag is gelegd, ad. € 2.775,41.


Het verweer
De werkgever X heeft als verweer aangevoerd dat zij het beslagexploot en de beide brieven niet heeft ontvangen. Zij is pas bekend geworden met het beslag door de dagvaarding die zij op 22 juli 2025 ontving. Op dat moment was de werknemer Z niet meer bij haar in dienst en kon zij geen inhoudingen meer doen. Als zij van het beslag had geweten had zij daaraan uitvoering gegeven zoals zij ook eerder heeft gedaan ten aanzien van Z. Omdat het loon van de werknemer ook onder de beslagvrije voet lag was een beslag ook feitelijk niet uitvoerbaar. Voor de werkgever voelt het onrechtvaardig en belastend dat zij wordt aangesproken voor de schuld van een ex-werkneemster.


Beoordeling
Bij een loonbeslag is een werkgever verplicht om het loon, voor zover dat hoger is dan de beslagvrije voet, af te dragen aan de schuldeiser. Daarvoor moet de schuldeiser weten op hoeveel loon de schuldenaar recht heeft en daarom is de werkgever verplicht daarover een verklaring af te leggen (artikel 476a lid 1 Rv). Als een werkgever de bedoelde verklaring niet geeft, kan hij worden veroordeeld om het bedrag te betalen waarvoor het beslag is gelegd “als ware hij daarvan zelf schuldenaar” (artikel 477a lid 1 Rv).

Het exploot waarmee het derdenbeslag is gelegd, is door de deurwaarder op 24 maart 2025 betekend aan het zakelijk adres van de werkgever. Er was toen kennelijk niemand op dat adres aanwezig. In het exploot is namelijk vermeld dat de deurwaarder de stukken in gesloten envelop met de wettelijk voorgeschreven vermeldingen heeft achtergelaten op dit adres. Uit de wet volgt dat deze verklaring van een deurwaarder dwingende bewijskracht heeft (artikel 157 lid 1 Rv). Dit betekent dat wanneer in het exploot is vermeld dat de deurwaarder het exploot heeft achtergelaten op het in het exploot vermelde adres, dat dan ook dwingend bewijs oplevert van het feit dat het exploot daadwerkelijk op dat adres is achtergelaten.

Aan de deurwaarder, en daarmee aan VGZ, kan niet worden verweten dat de werkgever niets wist van de door de deurwaarder achtergelaten beslagstukken. De werkgever is namelijk zelf verantwoordelijk voor de behandeling van de post die aan haar zakelijke adres is gericht. Als het zo is dat werknemer Z de brief van de deurwaarder heeft weggehaald, zoals de werkgever suggereert, dan is dat een omstandigheid waar VGZ niets mee te maken heeft en voor risico van de werkgever komt. 
Vervolgens heeft VGZ nog twee keer een herinnering gestuurd. Ook hier geldt dat wat er vanaf de bezorging met de brieven is gebeurd niet aan VGZ kan worden verweten. Het is de verantwoordelijkheid van de werkgever om ervoor te zorgen dat aan haar gerichte zakelijke correspondentie haar bereikt.

Het voorgaande leidt tot de conclusie dat er door VGZ derdenbeslag is gelegd onder de werkgever op het loon dat zij aan Z betaalde en dat de werkgever heeft nagelaten daarvan tijdig verklaring te doen. Omdat Z na 30 juni 2025 ook niet meer bij haar in dienst is, heeft het geen goede zin om de werkgever alsnog verklaring te laten doen, zij heeft immers geen loon of andere gelden van Z meer onder zich om aan VGZ af te dragen. Daarmee ligt de vordering van VGZ voor toewijzing klaar. 

Beslagvrije voet 
Met VGZ is de kantonrechter van oordeel dat het niet duidelijk is dat het derdenbeslag niets zou hebben opgeleverd, zoals door de werkgever naar voren is gebracht. Doordat er geen verklaring is gedaan is het namelijk onduidelijk gebleven of en voor welk bedrag loon zou hebben moeten inhouden en afdragen aan VGZ. 


Beslissing
Door de werkgever is niet betwist dat het gaat om een bedrag van € 2.775,41, zoals ook volgt uit het beslagexploot en de beide brieven. Dit bedrag wordt daarom toegewezen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 15 juli 2025. 
Bovendien wordt de werkgever in de proceskosten veroordeeld ad. € 1.257,04.


Naschrift
Deze uitspraak maakt goed duidelijk welke rol de werkgever heeft wanneer er loonbeslag wordt gelegd en welke risico’s daarmee gemoeid zijn. De werkgever moet een verklaring afleggen over wat er onder het beslag valt en moet vervolgens het meerdere boven de beslagvrije voet afdragen. Wordt hier niet (volledig) aan voldaan, dan kan de werkgever in de schuld van de werknemer worden veroordeeld. De werkgever kan dit vervolgens natuurlijk wel verhalen op de werknemer, maar het is maar de vraag of de werknemer ook verhaal biedt.
Aangeven dat het exploot van de deurwaarder niet is ontvangen gaat dan niet helpen aangezien het afgeven of achterlaten hiervan door de deurwaarder dwingend bewijskracht oplevert.


Meer informatie


Zie bijvoorbeeld ook: 


<< Nieuwsoverzicht