Recht op aanbod op maat

Bron: André Moerman
uur

Nadja Jungmann vraagt in haar column 'Eigen schuld, dikke bult?' in Sociaal Totaal aandacht voor de burger die na een sanering opnieuw in de schulden raakt. Ook zij zouden een, weliswaar aangepast,  recht op hulp moeten krijgen.  Het wetsvoorstel gemeentelijke schuldhulpverlening voorziet hier niet in. Nadja schrijft o.a.:

“Ik begrijp en onderschrijf de overwegingen om mensen die eerder gebruik maakten van schuldhulpverlening niet (zonder meer) opnieuw in behandeling te nemen, maar vindt het een gemiste kans dat de wet niet voorziet in een alternatief aanbod voor recidivisten.
(…)
Op de enkele schrijnende gevallen na waar iemand echt meerdere keren grote pech in het leven heeft, duidt recidive doorgaans op een gebrek aan (financiële) vaardigheden. Zowel in het voorliggende wetsvoorstel als in de opstelling van diverse gemeenten zie je de overweging: eigen schuld, dikke bult! Je hebt zelf opnieuw schulden gemaakt, dus wij helpen je niet meer. Zowel de wetgever als de betreffende gemeente gaan bij deze redenering voorbij aan het gegeven dat recidive niet alleen vervelend is voor de schuldenaar (en vooral de crediteuren) in kwestie, maar dat een nieuwe problematische schuldsituatie wederom tot (flinke) maatschappelijke kosten leidt. Want een huisuitzetting kost de gemeente echt niet minder als die plaatsvindt bij een recidivist!

Langdurige bemoeienis
Als we aannemen dat recidive duidt op een gebrek aan vaardigheden, dan zou het antwoord niet moeten zijn: ‘eigen schuld, dikke bult, we sluiten je uit’ maar ‘een schuldregeling is voor jou blijkbaar geen oplossing, we bieden je andere meer passende ondersteuning aan’. En bij recidivisten zal dat vaak langdurige bemoeienis met hun uitgaven zijn die varieert van curatele, beschermingsbewind of inkomensbeheer. Daarbij moeten we uitzoeken op welke manier we de schuldenaren in kwestie nog ander gedrag kunnen aanleren (en onder ogen zien dat er ook een groep zal zijn die het nooit leert). Het garanderen van de betalingen van de huur, energie en zorgpremie zouden hier het minimale doel moeten zijn.”


Het zou goed zijn wanneer de wetgever hier expliciet aandacht aan besteedt en dat gemeenten ook t.a.v. recidivisten hun verantwoordelijkheid nemen. Iedere klant moet recht hebben op een aanbod op maat.

In dit verband is het ook interessant om de door Rijnstad ontwikkelde stabilisatiemethodiek uit de kast te halen. De methodiek heeft als centrale doelstelling “Blijven wonen!”. De methodiek is enerzijds gericht op het voorkomen van recidive door niet te snel te gaan saneren, maar eerst te stabiliseren en er voor te zorgen dat de cliënt qua gedrag ‘schuldsaneringsrijp’ wordt.  Dit wordt ‘stabiliseren als voortraject’ genoemd.
Anderzijds is deze methodiek gericht op cliënten die vanwege de aard van de schulden (bv een recente fraudevordering) of vanwege recidive voorlopig niet voor een schuldregeling in aanmerking komen. Zij moeten ook kunnen blijven wonen en niet afgesloten worden. Dit wordt ‘technisch stabiliseren’ genoemd.

Meer informatie:
- Column Nadja Jungmann 'Eigen schuld, dikke bult?'
- Methodiekhandleiding Blijven wonen!
- Methodiekschema
- Artikel: ‘Sanering als hoogste doel? Vaak moet je met minder genoegen nemen.’