Overzicht tuchtrechtspraak deurwaarders 2010-1

Bron: André Moerman
uur

Deurwaarders zijn onderworpen aan tuchtrechtspraak, uitgevoerd door de Kamer voor Gerechtsdeurwaarders en in hoger beroep door het Hof Amsterdam. Hieronder een selectie van uitspraken in de periode januari en februari 2010.



1. Ongeoorloofde druk, dreigen met beslag zonder vonnis

Een deurwaarder schrijft een brief met de tekst: “Kennisgeving voorgenomen gerechtelijke procedure gevolgd door beslag roerend en/of onroerend goed”
De Kamer acht de tekst niet toelaatbaar, misplaatst en onzorgvuldig. In strijd met de waarheid wordt de indruk gewekt dat er al sprake is van een executoriale titel tegen klager en dat er al beslag kan worden gelegd. Maatregel: berisping met aanzegging dat als het nog een keer gebeurt, er een zwaardere maatregel wordt overwogen. >>> Uitspraak

2. Deurwaarder moet inzicht geven in kosten
Naar het oordeel van de Kamer mag van een deurwaarder worden verwacht dat hij inzicht kan geven over de aan schuldenaren in rekening gebrachte kosten voor zijn werkzaamheden. Aan degene die de incassokosten uiteindelijk moet betalen moet duidelijk zijn waarom hij welk bedrag aan incassokosten dient te betalen. Klacht gerond. De Kamer legt geen maatregel op. >>> Uitspraak

3. Twee loonbeslagen had in één exploot gekund
De deurwaarder heeft op een en dezelfde dag bij twee afzonderlijke exploten loonbeslag gelegd onder klagers werkgever en daarvoor tweemaal kosten in  rekening gebracht. In dit geval had de deurwaarder de kosten dienen te beperken door in beide dossiers slechts éénmaal informatie op te vragen, bij één exploot beslag te leggen en éénmaal het beslag over te betekenen (afschrift aan debiteur geven). Maatregel: berisping. >>> Uitspraak

4. Beslagvrije voet: woonkosten eigen woning en reiskostenvergoeding
Bij het bepalen van de beslagvrije voet wil de deurwaarder geen rekening houden met woonkosten omdat het geen huurwoning, maar een eigen woning betreft. Bovendien heeft de deurwaarder ook beslag gelegd op de reiskostenvergoeding waar tegenover 1 op 1 uitgaven staan. Klacht gegrond. Maatregel berisping. >>> Uitspraak

5. Beslag op voorlopige teruggaaf, beslagvrije voet ten onrechte nihil
De deurwaarder heeft beslag gelegd op de voorlopige teruggaaf en daarbij de beslagvrije voet op nihil gesteld. Omdat er al beslag lag op de bijstandsuitkering, hetgeen de deurwaarder bekend was, is het inkomen beneden de bijstandsnorm gekomen. Wanneer door klaagster gebrekkige informatie wordt verstrekt mag de deurwaarder de beslagvrije voet ten hoogste halveren, maar niet op nihil zetten. Maatregel: berisping. >>> Uitspraak

6. Betalen met onduidelijk betalingskenmerk: onderzoeksplicht deurwaarder
Beslissing op verzet. De voorzitter is van oordeel dat de debiteur bij betalingen duidelijk dient aan te geven op welk dossier welk bedrag dient te worden afgeboekt. In de brieven waarmee de betalingsregelingen zijn bevestigd staat ook vermeld dat betalingen dienen te worden verricht onder vermelding van het dossiernummer. Als er voortdurend andere aanduidingen worden gebruikt, komt het risico voor rekening van klager.
De Kamer is het niet met de voorzitter eens omdat op de deurwaarder een plicht rust zijn administratie zo in te richten dat afgesproken regeling zowel bij de dossierbehandelaars als de boekhouding bekend zijn. Het had op de weg van de (medewerkers van) de deurwaarder gelegen om helderheid te verkrijgen over de vraag voor welke dossiers de betalingen bedoeld waren. Maatregel: berisping. De deurwaarder heeft hoger beroep ingesteld. >>> Uitspraak

7. Brief niet telefonisch afdoen
De Kamer is van oordeel dat de deurwaarder met enkel een telefonische reactie niet voldoende adequaat op een brief van klager heeft gereageerd. Hierbij is van belang dat ter zitting is gebleken dat klager de Nederlandse taal onvoldoende beheerst. Dit moet de deurwaarder ook in het telefoongesprek duidelijk zijn geworden. Mede gelet daarop had de deurwaarder niet mogen volstaan met het geven van telefonische uitleg. Klacht gerond. De Kamer legt geen maatregel op. >>> Uitspraak

8. Verificatie adres bij GBA
Het hof hecht eraan te benadrukken dat verificatie van het adres van degene aan wie het exploot van dagvaarding dient te worden betekend, bij de Gemeentelijke Basisadministratie van essentieel belang is en een standaardonderdeel van de procedure dient te zijn. Dat gold in onderhavige zaak des te meer. Het betrof immers een kort geding, met als onderwerp de aanwezigheid tijdens een crematie. Bovendien stond op het naambordje een andere naam. Dat had nog een extra reden moeten zijn om alsnog tot adresverificatie over te gaan. Het hof bevestigt de beslissing van de kamer van toezicht (maatregel berisping). >>> Uitspraak


Reageren?
- Reageer via schuldinfo op LinkedIn