Eén op de vijf Nederlanders moet fiscus terugbetalen

Bron: Persbericht Nibud
uur

Teveel ontvangen toeslagen, een te groot maandelijks voorschot of een fout in de aangifte; 20 procent van de Nederlanders was vorig jaar genoodzaakt geld aan de Belastingdienst terug te betalen. Daarnaast blijkt het maandelijks voorschot dat veel Nederlanders ontvangen, hard nodig te zijn om rond te komen. Dit blijkt uit de jaarlijkse enquête over de belastingaangifte van het Nibud. Ook blijkt uit deze peiling dat de helft van de belastingbetalers bang is de aangifte niet goed in te vullen en zo geld te laten liggen.

Niet voorbereid op terugbetalen
20 procent van de Nederlanders moest vorig jaar geld terugbetalen. Een derde van hen kon dit geld maar moeilijk opbrengen. Ruim de helft had niet aan zien komen dat ze de Belastingdienst terug moest gaan betalen. Volgens het Nibud reden om bijvoorbeeld wijzigingen in het inkomen of de persoonlijke situatie tijdig door te geven, zodat de hoogte van de toeslagen of de voorlopige aanslag bijgesteld kan worden. Meer tips voor consumenten heeft het Nibud verzameld op www.nibud.nl/belastingaangifte .

Maandelijks geld terug
Van de Nederlanders die maandelijks een voorschot krijgen op hun belastingaanslag, heeft ruim de helft dit geld nodig om rond te komen. De meesten besteden dit aan boodschappen, ruim een kwart wordt besteed aan het aanvullen van tekorten. Schulden worden door 15 procent van de belastingbetalers afgelost met de voorlopige teruggaaf. Voor de Nederlanders die het geld nodig hebben om rond te komen, is het extra moeilijk als zij achteraf geld aan de fiscus terug moeten terugbetalen.

De Nederlanders die geen maandelijks voorschot op de belastingaangifte ontvangen maar wel geld terug verwachten, willen dit geld uitgeven aan het wegwerken van tekorten en schulden (resp. 24% en 13%). Het Nibud adviseert om in dit geval via een voorlopige aanslag de verwachte teruggaaf maandelijks te ontvangen om zo tekorten gedurende het jaar te voorkomen. Men komt bijvoorbeeld in aanmerking voor een voorlopige aanslag over het lopende jaar als men recht heeft op heffingskortingen of aftrekposten.

Voorzichtig met voorlopige aanslag
Een groot deel (41%) van belastingplichtig Nederland geeft het geld dat ze aan het eind van het jaar via de voorlopige aanslag krijgen niet direct uit, maar wacht op de definitieve aanslag. De helft houdt dit geld niet achter: 30 procent geeft al een deel van de voorlopige aanslag uit en 20 procent alles. Mensen die de teruggaaf gebruiken voor het aanvullen van tekorten of aflossen van schulden geven dit iets vaker direct uit. Als de definitieve aanslag negatiever uitpakt dan de voorlopige, is de kans groot dat daar weinig financiële ruimte voor is. Daarom adviseert het Nibud het mogelijk te ontvangen bedrag achter de hand te houden tot de definitieve aanslag binnen is.

Geld laten liggen
Veel belastingbetalers zijn onzeker over de belastingaangifte. 50 procent is bang geld te laten liggen door de aangifte niet goed in te vullen. Van degenen die aangeven de aangifte moeilijk te vinden (40%), geeft ook bijna de helft aan ze het lastig vinden de aangifte zo gunstig mogelijk in te vullen. Mensen die zelf of samen met hun partner aangifte doen en een laag inkomen hebben, denken relatief vaak dat ze teveel belasting betalen omdat ze niet optimaal gebruik maken van aftrekposten (27%). Het Nibud raadt mensen die onzeker zijn over hun aangifte aan om hulp in te schakelen bij het invullen. Teveel betalen of te weinig terugkrijgen zal zo minder voorkomen. Gelukkig ziet het Nibud dat mensen die moeite hebben met de aangifte deze relatief vaak door andere mensen laten doen.

Meer informatie:
- Onderzoek Nibud: Belastingaangifte over 2010


Reageren?
- Reageer via schuldinfo op LinkedIn